vrijdag 10 juni 2016

Murphy of wraak?

“Is het permanent de vorige keer bevallen?” vroeg het meisje dat in mijn ogen nog niet oud genoeg was om te mogen rijden, laat staan met chemicaliën te rotzooien in mijn haar.
Ik gaf aan tevreden te zijn geweest, op een plukje vooraan na die vanaf dag 1 er maar wat had bij gehangen.
Het meisje keek eens kritisch naar mijn haar en probeerde op omslachtige wijze mijn verwachtingen voor deze keer wat omlaag te krijgen. Uiteindelijk werden we het er over eens dat zij haar best ging doen en ik leunde tevreden achterover terwijl zij begon met het zetten van de eerste rol.

Ik had een dag vrij en had besloten me vandaag eens helemaal over te geven aan de kapper en te genieten van het feit dat iemand voor mij ging zorgen.
Dat is altijd lastig voor me aangezien ik iemand van de controle ben maar ik had de eerste test al glansrijk doorstaan: de wasbak.
Meestal neem ik voor het haren wassen plaats met een lichte argwaan. Zodra de eerste straal water richting de zijkant van mijn hoofd gaat of richting mijn nek, gaan automatisch mijn schouders al omhoog om maar de zorgen dat de afstand tussen mijn huid en die ongemakkelijke bult in de wasbak zo klein mogelijk is. Als ik ergens een hekel aan heb, is het wel zo’n verdwaalde druppel die ik ineens door mijn nek, of erger nog, over mijn rug voel lopen.
Maar niet deze keer. Deze keer hield ik bewust de schouders ontspannen. Deze keer ging ik vertrouwen op mijn kapster. En terecht. Snel en vakkundig waste ze mijn haren en leidde me naar de kapstoel.
Misschien had ze toch meer ervaring dan haar poppengezichtje deed vermoeden.

En dus zat ik nu in de stoel wat weg te mijmeren bij de muziek.
“Heeft u nog plannen voor vandaag?”
“Nee” antwoorde ik, “ ik heb een vrije dag en doe het lekker rustig aan”
Dit was best een lekker nummer op de radio. Welke zender zouden ze op hebben staan?
Ik neuriede in gedachte wat met de volgende nummers mee.
“Heeft u dan plannen voor het weekend?”
O ja, kapsters wilden altijd hele gesprekken met je houden. Daar was ik eigenlijk niet zo voor in de stemming. Een korte nee was dus mijn antwoord.
Een ietwat ongemakkelijke stilte volgde.
Waarschijnlijk had ik het arme meisje uit haar evenwicht gebracht.

“En gaat u nog op vakantie?”
Ja, was in dit geval een uitnodiging naar meer voor het meisje.
“Gaat u naar het buitenland of blijft u in Nederland?”
Het was een echte volhoudster, deze meid. Waarschijnlijk bedoelde ze het ook helemaal niet zo kwaad dus ik besloot een antwoord te geven waaruit bleek dat ik best vriendelijk was maar gewoon niet zo in de stemming voor een kletspraat.
“We hebben nog niet geboekt, we zijn een beetje laat dit jaar. We twijfelen nog tussen Noorwegen en Duitsland.”
Iets persoonlijker worden in mijn informatie maar geen vraag of zij al plannen had. Dat was de goden verzoeken.

Het meisje ging nu maar meelachen met het gesprek van haar collega kapster die twee stoelen verder in gesprek was met een klant. Ik vond het allemaal prima zolang ze maar door rolde.
… Af en toe ben ik gewoon niet zo lief.
Mijn gedachtes schoten ondertussen heen en weer. Van werk naar hobby naar plannen naar mogelijkheden. Ik liet ze heerlijk gaan.

Het rollen zat er op en nu moest de chemische troep een kwartiertje intrekken.
Ik pakte mijn boek uit mijn tas en verheugde mij op  het duiken in een andere wereld. Voor ik goed en wel in het boek zat was het kwartier echter alweer voorbij en mocht ik weer mee naar de wasbak.

Dit was het minder comfortabele gedeelte van permanenten. Nu moest je achterover met je hoofd in die bak terwijl daar een stel rollers in je hoofd drukten. Maar ook hieraan gaf ik mij over en toen viel het best mee.

Het meisje had nu de poging tot gesprek al opgegeven. Het enige dat ze nog netjes bleef doen was aankondigen wat ze ging doen.
“Ik ga nu de vloeistof er uit spoelen.”
“Nu wordt het even koud.”
“Dit moet even 5 minuten intrekken.”
 “Nu ga ik dit er weer uitspoelen.”
“Ik maak ondertussen alvast even u maskertje klaar.”
Ik liet voor mij zorgen en lag met gesloten ogen in de stoel bij de wasbak te ondergaan.
Tot slot moest er nog een warme handdoek om mijn haar voor het maskertje. Het meisje kondigde aan deze nog even achter te gaan verwarmen.
Het was maar goed dat ze iets zei want ik was net bijna in slaap gevallen, zo relaxed was ik.
Ik ging weer iets actiever zitten om te voorkomen dat ik zo bij de kapper hardop zou liggen te snurken.
Terwijl ik ging verzitten voelde ik iets raars.
Iets kouds?
In mijn zij?

Voorzichtig kwam ik overeind en probeerde te voelen wat het was.
Mijn shirt bleek aan de rechterkant in mijn zij helemaal nat te zijn. Even vroeg ik me af wat er was gebeurd.
Tot ik verder omhoog voelde en bleek dat de hele rechterkant van mijn shirt nat was.
En bij nader inzien de linkerkant ook.
Ik was gewoon aan de hele achterkant van mijn shirt zeiknat (neemt u mij de woordkeuze niet kwalijk)!

Het meisje kwam nietsvermoedend terug met de warme handdoek.
Op een rustige toon gaf ik aan dat mijn t-shirt helemaal nat geworden was. Het meisje reageerde verbaasd en gaf mij een nieuwe handdoek in de nek. Ze voelde even aan mijn shirt.
“O ja, ik voel het.”
En daarmee was de kous af.
Geen “Sorry”.
Geen “Vervelend voor u”.
Alleen een warme handdoek om mijn hoofd en de mededeling dat die 5 minuten moest blijven zitten.
Koele kikker hoor die meid!

Na de vijf minuten mocht ik van de wasbak weer terug naar de kapstoel.
Nu ik niet meer tegen de stoel lag voelde ik extra goed hoe nat mijn shirt was. Sterker nog, ik kon hem gewoon uitknijpen zo nat was ie.
Het meisje gaf aan dat ze het wel even zou drogen en begon met een föhn over mijn shirt te blazen. Na een minuut of 7 gaf ik aan dat ze maar moest stoppen. Ze dacht omdat het nu al veel droger was maar ik gaf aan dat het zo totaal geen zin had en dat ik me thuis wel zou omkleden.
Opnieuw geen reactie van de koele kapster.
Ze ging gewoon verder met het knippen van mijn haar.

Tegen die tijd had ik het helemaal gehad.
Natuurlijk, foutjes kunnen voorkomen.
Maar om dan zo zonder blikken of blozen door te gaan met je werk vond ik ongehoord.
En zoals je je misschien kunt voorstellen, als je dan al geïrriteerd bent, duurt knippen en stijlen ineens nog heel lang.
Ik wilde gewoon naar huis. Ik wilde afrekenen, dat meisje vertellen dat ik het geen stijl vond hoe ze er mee omging en dan droge kleren aan doen.
Ik kreeg het gewoon koud in die stoel… en dat met dit weer!
Was dit nu de wraak van een koele kapster omdat ik niet had meegaan aan de koetjes en kalfjes?

En het meisje bleef maar doorstijlen. Nog een beetje spul er in, knijpen in het haar, nog een beetje föhnen, weer knijpen in het haar, föhnen, drie haartjes verplaatsen, föhnen, en ik wilde toch zeker ook wel een beetje haarlak?

Die laatste vraag leek bijna wel een smeekbede…
Maar koele kapsters smeken toch niet?
Of was de koele kapster toch niet zo koel?
Misschien vond het meisje het toch eigenlijk wel heel erg naar maar was ze gewoon nog wat sociaal onhandig?
Het was tenslotte ook nog maar een jong ding.
Op het zicht niet oud genoeg om auto te mogen rijden.

Dus zei ik snel dat het zo goed was. Ik keek amper in de spiegel hoe de achterkant er uit zag.
Het was goed zo, ik wilde weg!
Bij de kassa besloot ik haar een tip te geven, iets over excuses aanbieden als het fout gaat.
Het meisje verschoot en zei dat ze het toch écht heel vervelend vond wat er was gebeurd.
Wat houterig naar huis lopend omdat de kleren, zelfs mijn broek, aan mijn lijf plakte wist ik het zeker:
Het was geen wraak geweest, het was gewoon Murphy!



Hoewel ik thuis toch wel  weer even ging twijfelen toen ik in de spiegel keek en een grijs, getoupeerd schaap mij aanstaarde…